DE VERGETEN OORLOG.

Vlammend geel en woest het licht.
Rokerig ondergaand de zon.
Gevangen in een waas.
In een spiraal van geweld,
voel ik de adem van de oorlog.
Overal kom je de dood tegen,
heeft lichamen en zielen geradbraakt.
De werkelijkheid praat tegen zichzelf in gevangenschap.
De geur van brandende puinhopen.
die in stofnevels waren gehuld,
heeft ieder spoor van hoop en verwachting gewist.
Het gevoel heeft mijn verstand verloren.
Vermoeid, verloor ik ten dele het bewustzijn.
Verrijst een wazige nachtelijke hemel.
Alle gezichten zijn mij vreemd.
Het is als een roes, een nieuwe afgrond,
geopend door weemoed.
Gevangen in waanbeelden, lijden als een naamloze.
Houdt de stilte hem in zijn armen.
Het pad naar overleving is de ondergang,
Schreeuwende, kinderlijke blik in zijn ogen.
Kijken naar de blinde hemel, angst in schrijnende smart.
Toen de schaduw voor de zon kroop, brak zijn horizon.
Heer, ontferm U over ons.
Toon Uw barmhartigheid
voor onze ontheemde zielen.
Innerlijke stem van overgave.
Koele klanken, gekleurde taal, kreten.
Het uitlogen van zielen, in lasten en stilte dragen.
Uitgedoofde ogen, een lijkkleur op handen en gelaat.
Ik zie hem, zijn waanzinnige ogen
komen voortdurend in mij boven.
Zijn pijn ging over in verlangen.
Omarmde het licht van het lijden.
Verdwaalde in zichzelf, in een andere wereld.
Hoorde hij de wolken zingen.
Met onduidelijke stemmen in de nacht.
In hun zucht van samenzijn.
Heeft Hij zijn geest bevrijd uit de boeien.
Ad Blomsteel
www.adblomsteel.nl
a.blom@casema.nl